BIOGRAFIE | DISCOGRAFIE | MUZIEK | HOME SWEET HOME | 13 OFFICIEEL



foto @ Bob Bronshoff


















13 wordt in 1995 opgericht door Robin Berlijn (zang/gitaar), Henk Jonkers (drums) en Dick Brouwers (bas). In 1996 brengt de band de vinylsingle Rollin’ and Tumblin’/Married Woman uit voor het Electrolux label. De single verschijnt in een beperkte oplage van 400 stuks. In hetzelfde jaar wordt een tour gedaan door Tsjechië en is de band live te horen bij de radioprogramma’s Villa 65 van de VPRO en 2 Meter Sessie’s van Jan Douwe Kroeske.
In 1997 wordt in eigen beheer een vinylsingle uitgegeven. De band doet een tour in het voorprogramma van Claw Boys Claw, wat het door Henk Jonkers geproduceerde album Will-O-The-Wisp op de planken brengt.
In 1997 verschijnt tevens een solo-cassette van Robin Berlijn op het Carcassette label. Een bijzondere psychedelisch meesterwerkje met 7 nummers, in het Nederlands gezongen.
In 1998 brengt 13 een cassette met 8 door Robin Berlijn geschreven nummers uit op het Carcassette label. Deze cassette is in dezelfde rauwe garage stijl zoals de beide vinylsingles. Na deze release wordt het stil rondom de band.

1999-2005 The big sleep…

In 2006 worden de eerste sessie’s opgenomen voor het album (11) wat uiteindelijk in 2010 verschijnt via het Excelsior label. Op het album staan 11 door Robin Berlijn geschreven nummers. When The Moment Comes, N.T.T. en Jig-Saw zijn eerder verschenen op een vinylsingle en de Carcassette release. (11) is een sterk album geworden met een toegankelijker geluid dan de eerdere releases. Opvallend is de sterke zang van Robin. De nummers worden met een Lou Reed-achtige coolness gezongen. Persoonlijke favorieten zijn het lekker rollende Patron Of The Arts en het mooi opgebouwde I Did It. Kopen die plaat!


Artikel Oor 10 – november 2010

Sommige bands breken door terwijl ze amper een jaar bestaan. Neem Kane. Andere doen er vijftien jaar over om een debuutalbum op te nemen. Bijvoorbeeld 13. Gitarist – en tegenwoordig ook zanger – Robin Berlijn (39) speelt toevallig in beide bands. Als zeventienjarig snarenwonder treedt hij in 1988 toe tot de Fatal Flowers. Als die in 1990 uit elkaar vallen, vertrekt hij naar Londen om vier jaar later weer terug te keren in Amsterdam. Daar richt hij samen met drummer Henk Jonkers (ook van de Fatal Flowers) en bassist Dick Brouwers (The Soft Parade) 13 op, waarvan deze maand het debuutalbum (11) verschijnt. Robin Berlijn vertelt.

Het is moeilijk om de bandnaam achteraf niet als self fulfilling prophecy op te vatten…
Henk heeft de naam bedacht. Op zijn dertiende werd hij aangereden door een vrachtwagen, dat heeft ie op het nippertje overleefd. Sindsdien is dertien zijn geluksgetal. Achteraf hadden we de band misschien 12 moeten noemen.

Waarom heet het debuutalbum (11)?
Omdat er 11 liedjes opstaan.

Waarom vertrok je na de Fatal flowers naar Londen?
Het idee was terechtkoemn in een wereldband. In Amsterdam belandde ik al vrij snel in de Fatal Flowers. Ik dacht dat geintje in Londen nog eens te flikken, maar dan in het groot. En dat lukte dus niet. Ik heb daar wel gespeeld met mensen als Martin Turner (Wishbone Ash), Roy Hollingworth en Peter Perrett (The Only Ones). Maar ik was in een sessiemuzikantencircuit terechtgekomen waar ik me niet thuis voelde. Daar gaat Guitarwhore over. Uiteindelijk ben ik licht gefrustreerd naar Amsterdam teruggekeerd.

Waar je 13 oprichtte. Wat was het idee?
Ik had in Londen best veel liedjes geschreven, daar zocht ik een band voor. Ik wilde ze eigenlijk niet zelf zingen, maar de meeste zangers werken liever met eigen teksten. Ik werd bijna gedwongen om het zelf te doen. Ik vroeg Henk omdat het de beste drummer is die ik ken. Hij stemde toe, op voorwaarde dat Dick Brouwers zou gaan bassen. En dat werkte.

In 1995 bracht 13 de single Rollin’ And Tumblin’ uit op Electrolux, de voorloper van het Excelsior-label. Wat ging er daarna mis?
Gebrek aan ambitie van onze kant, denk ik. Je moet labels – in dit geval Excelsior – wel laten merken dat je klaar bent om een plaat te maken en het heel graag wilt. Daar waren wij niet goed in. Achteraf paste onze muziek ook niet echt in de tijdsgeest. Het was de tijd van Britpop en melodieuze popliedjes. 13 is vrij ruig en bluesy. Er werd vies naar gitaristen gekeken die soleerden, nu kan het weer. En ik vind het toevallig leuk om te doen.

De periode 1995-2005. In vogelvlucht graag.
We bleven af en aan optreden. In had korte periodes dat ik veel met 13 bezig was, maar die duurden nooit lang. Optredens regelen was vaak lastig.

Was er een omslagpunt?
Voor Impossible Girl van Ellen te Damme (Robins vriendin) kwamen we in 2006 terecht bij Frans Hagenaars. Toen ben ik weer eens over een plaat van 13 begonnen. Hij zei: Waarom heb je me dat niet eerder gevraagd? Dat jaar hebben we dertien nummers opgenomen. Het mixen liet door tijdgebrek op zich wachten. Zo lang, dat ik inmiddels twee nieuwe nummers wilde opnemen. Dus er volgde een tweede sessie, en daarna moesten we nog mixen. Uiteindelijk heeft het hele traject alsnog drie jaar geduurd.

Waar gaan je liedjes over?
De plaat is een soort verhaal, er staan bewust geen liefdesliedjes op. Het gaat over alle frustatie, woede, angst en zelfhaat die komt kijken bij het proberen te verkopen van je bandje. Patron Of The Arts bijvoorbeeld, dat je mensen moet gaan lastigvallen met jouw muziek om een contract te versieren. Het genante gevoel dat je daarvan krijgt. Dat hoort wel bij onze band. Ginmme A Reason gaat over mijn generatie, die is opgevoed met het idee dat alles kan en alles mag. Met als resultaat dat die generatie totaal geen ideaalen heeft. Aan de ene kant ben ik gedreven, maar ik vind dat ik ook veel tijd heb verspild.

Je speelt nu twee jaar in Kane. Dat verbaasde me.
Dat zeggen meer mensen, maar het is heel erg gaaf om met hen te spelen. Ze zochten een tweede gitarist en wilden naar een Rolling Stones-achtige situatie toe, weer een heel basic rock & roll bandje zijn. Daar was ik wel benieuwd naar en het bevalt uitstekend. Dennis en Dinand zijn echte inspiratiebronnen voor mij. Als ze een plan hebben voeren ze het gewoon uit, recht op hun doel af. Daar kan ik veel van leren. Ik zie aan hen heel goed wat ik zelf eigenlijk mis.

Heeft 13 toekomst?
Ik wil graag door, maar ben ook realistisch. Het ligt er deels aan hoe de plaat en optredens worden ontvangen. Ik maak graag nog een plaat, maar je wilt wel enigszins gestimuleerd worden om door te gaan. We zullen zien. Het zou leuk zijn al er in de muziekwereld een klein plekje is voor 13.

JOHN DENEKAMP