Music Maker juli 1988 MEDIA

Mick Ronson

Mick Ronson straalt een vriendelijke bescheidenheid uit, die je al snel doet vergeten dat hij de gitarist/arrangeur/co-producer is op popklassiekers als David Bowie's 'Ziggy Stardust', 'Transformer' van Lou Reed, 'Night out' van Ellen Foley én de man is achter de recente comeback van Dalbello. Om nog maar te zwijgen van z'n gitaarwerk bij o.a. Bob Dylan, Van Morrison, T-Bone Burnett en Ian Hunter. Met hetzelfde enthousiasme waarmee hij over z'n werk met Bowie praat heeft hij het even later over het optreden van de Nederlandse groep Bad to the Bone die hij de avond voor het interview heeft zien spelen in de Amsterdamse Sleep-inn.

Het is eind februari wanneer ik Mick Ronson ophaal bij de oefenruimte van Fatal Flowers aan de Brouwersgracht. De groep repeteert daar een aantal dagen onder zijn leiding, voordat het hele gezelschap naar het dorpje Woodstock vlakbij New York afreist om daar de nieuwe plaat op te gaan nemen. Hoewel de sneeuw naar beneden dwarrelt stelt Ronson voor maar naar z'n hotel te gaan lopen. "Ik doe verder niet aan sport, dus daarom doe ik in een stad alles zoveel mogelijk lopend. Het is maar een klein eindje," aldus de goed geconserveerd ogende veertiger. Dat dat kleine eindje zo'n beetje aan de andere kant van de stad blijkt te zijn deert niet, aangezien Ronson zich - zoals veel Engelsen - een meester betoont in 'the noble art of conversation'. In rap steenkolen Engels vertelt hij over Woodstock, waar hij de laatste jaren met vrouw en dochter woont.

"Het is een gezellig dorpje met zo'n 7000 inwoners. Het ligt zo'n 50 kilometer van het terrein waar ze destijds het Woodstock-festival gehouden hebben. Het is er heel gemoedelijk, je hoeft je huis niet op slot te doen als je weggaat en zo. Er wonen veel muzikanten; Dylan heeft er een huis, de meeste ex-leden van The Band wonen er, Todd Rundgren woont er in de buurt en nog een paar muzikanten. Ik ben door m'n werk als producer natuurlijk veel van huis, maar ik kom daar altijd graag terug."

Eenmaal bij het hotel aangekomen kijkt Mick Ronson even op z'n horloge en verontschuldigt hij zich voor het feit dat hij nog een paar telefoontjes moet plegen. "Wanneer ik in Europa ben laat ik m'n horloge altijd op de Amerikaanse tijd staan. Dan weet ik tenminste of ik daar iemand kan bereiken of niet." Een kwartiertje later kunnen we - inmiddels weer op temperatuur door een stevige bel whisky - van start gaan.

BOWIE

In Nederland kennen we je vooral als gitarist in David Bowie’s Spiders from Mars. Hoe ben je destijds bij Bowie terecht gekomen?
Ik heb nooit auditie gedaan, ik heb hem gewoon leren kennen ergens rond 1970. Bowie was toen niet zo bekend, hij had een paar jaar daarvoor een hit gehad met 'Space oddity, maar dat was alweer een tijdje geleden. Ik kwam af en toe bij hem over de vloer en toen hij een keer een gitarist nodig had voor een radio-optreden vroeg hij of ik zin had om mee te doen. Dat klikte en sindsdien ben ik bij hem blijven spelen."

Op platen uit die tijd word je altijd apart genoemd als arrangeur en soms als co-producer. Wat was precies je rol in die tijd?
"Ik organiseerde de band, deed de muziek repetities en schreef de orkest-arrangementen. Ik heb in m'n tienerjaren viool gespeeld en had dus een klassieke achtergrond. Die viool had ik bij de opkomst van Duanne Eddy al ingeruild voor een gitaar, maar hij het uitschrijven van die partituren kwam die kennis me goed van pas. Op die manier heb ik ook samen met David aan Transformer van Lou Reed gewerkt, waarvoor ik dan wel de credits als co-producer kreeg."

Wat is achteraf bezien je favoriete plaat uit die periode?
"’Pin-ups'(de plaat van Bowie met allemaal jaren '60 covers, red.). Die plaat was heerlijk om te doen, want dat waren de nummers die David en ik als tiener altijd al hadden willen doen. Ik ben begonnen met gitaarspelen door Duanne Eddy en kort daarop kreeg je The Beatles, The Stones, The Yardbirds. De beste muziek is die muziek die je zo gek krijgt dat je zelf een instrument wilt pakken. Met 'Pin-ups' stonden we daar plotseling zelf al die nummers op te nemen.

Waarom kwam er vrij kort daarna toch een eind aan jullie samenwerking?
"David en ik zijn nooit echt uit elkaar gegaan, maar meer uit elkaar gegroeid. Op een gegeven moment wilde David een tijdje wat anders gaan doen. Hij had toen plannen voor een theaterstuk op Broadway en hij wilde voorlopig niet meer op toernee. Op dat moment kreeg ik de kans om een solo-lp te maken en dat heb ik toen gedaan. En daarna was ik steeds met andere dingen bezig."

Wat vind je van Bowie’s tegenwoordige werk?
"Z'n laatste lp vond ik niet best. Maar iedereen maakt weleens een slechte plaat, nietwaar? 'Let's dance' vond ik fantastisch."

Je hebt daarna een tijd met Bob Dylan getoerd in The Rolling Thunder Revue. Hoe kwam je hij hem terecht?
"Dat is wel een mooi verhaal, eigenlijk. Hij deed in die tijd van die surprise-gigs in kleine bars. Op een dag speelde hij in New York in een club vlakbij waar ik woonde en aangezien ik hem nog nooit had zien spelen en z'n werk ook niet zo goed kende ging ik maar eens kijken. Op een gegeven moment gooide de portier van die tent me eruit, omdat ik er volgens hem veel te vreemd uitzag. Ik droeg toen nog plateauzolen en ik had me opgemaakt. Op een gegeven moment kwam ik wel weer binnen, maar toen werd ik er weer uitgegooid. Terwijl ik tegen de portier schreeuwde dat ik toch weer opnieuw binnen zou komen, al was het door het raam, kwam Dylan op ons af. Eind van het liedje was dat ik een tijd met hem heb staan praten en dat hij aan het eind van de avond vroeg of ik zin had om met hem op toernee te gaan. Ik zei natuurlijk 'ja', maar ik hoorde een hele tijd niks van hem. Totdat Dylan op een vrijdagavond opbelt en zegt: 'kun je zondag repeteren? Volgende week op toernee.' Ik heb hem dus eigenlijk per ongeluk ontmoet, maar dat soort toevalligheden maken het leven leuk, nietwaar?"

FATAL FLOWERS

Na die toernees met Dylan ben je je steeds meer op produceren gaan toeleggen. Hoe is eigenlijk het contact tussen jou en Fatal Flowers tot stand gekomen?
"Zo'n drie jaar geleden zat ik een tijdje in Londen. Fatal Flowers traden daar op en hun manager Peter Dispa belde me op met de vraag of ik misschien interesse had om ze te produceren. Ik ging naar een van hun optredens kijken en vond ze erg goed. Hun image sprak me erg aan en ze speelden rechttoe rechtaan rock. Ik had toen net die plaat met Lisa dal Bello gemaakt en was tijdenlang voornamelijk met computers en synthesizers bezig geweest. Zij waren een echte band met gitaren en lang haar zoals The Rolling Stones en dus weer iets heel anders als waar ik toen mee bezig was. Die uitdaging stond me wel aan en we hebben er die avond nog over zitten praten. Maar na dat optreden zijn we elkaar uit het oog verloren. Fatal Flowers gingen terug naar Nederland en ik ging naar Italie en aangezien ik geen management had was er geen kantoor waar ze me konden bereiken. Voor hun begon de tijd te dringen en daarom hebben ze voor 'Younger Days' een andere producer gezocht (Vic Maile, red.). Uiteindelijk hebben ze me voor deze lp wel kunnen vinden."

Is het voor jou niet lastig om zonder management te werken?
"Ja zeker wel, het is een moeilijke business als je op een manier werkt die onzichtbaar is voor het grote publiek. Wanneer je een tijdlang geen grote internationale hits gehad hebt dan denkt men dat je gepensioneerd bent. Maar niets is minder waar, ik doe een heleboel dingen maar steeds in verschillende landen. Ik heb in Canada The Payolas geproduceerd en die plaat was daar driedubbel platina, een soort nationaal volkslied, maar die deed in de VS niks. Een paar maanden geleden heb ik met David Lee Hayes een countryplaat gemaakt en die staat nu hoog in de Amerikaanse countrycharts. Maar toen ik met Dalbello 'Whomanfoursays' gemaakt had en die lp in de VS nauwelijks verkocht, begonnen mensen in New York aan me te vragen of ik nog steeds muziek maakte. I had been working me balls off!!"

ENERGIEK

Hoe moet de nieuwe Fatal Flowers plaat gaan klinken?
"Ruig, sober en eenvoudig te begrijpen. Ik hou ervan dingen op een simpele manier te doen, zonder dat een normaal mens er honderd keer naar moet luisteren voordat hij snapt waar het overgaat. Als muzikant moet je proberen niet-muzikanten te bereiken. Het is heel plezierig om te zien dat je niet je muziek iemand vrolijk kunt maken, daarvoor hoeft die muziek ook helemaal niet clever te zijn. Ik ben niet tegen dingen als jazz-fusion, maar dat gaat voor de meeste mensen ver boven hun pet. Veel muzikanten die merken dat het publiek niet op hun muziek reageert draaien zich om en beginnen op het publiek te kankeren. Terwijl het hele eieren eten met muziek juist is dat mensen voor andere mensen spelen. Muziek maken is een manier van communiceren. Daarom begin ik produktie meestal met het versimpelen van een aantal dingen op de demo. In sommige nummers voeg ik er ook een pakkend melodietje aan toe. Verder vind ik het bij Fatal Flowers van belang dat het een hele energieke plaat wordt."

Hoe breng je de energie die een band als Fatal Flowers live uitstraalt over op een plaat?
"Het is voor alles een kwestie van houding. Ik wil dat de bandleden zich trots voelen op wat ze doen en een soort 'nu of nooit' houding hebben. Verder is het heel simpel: je kijkt naar de goeie punten die ze hebben en die probeer je nog wat aan te zetten, terwijl je de slechte kanten probeert kwijt te raken. Bij Fatal Flowers zijn de goede kanten dat ze simpele dingen willen spelen en dat ze een echte rock 'n roll band zijn. Je kunt zien wat ze doen, ze gebruiken geen trucs, en zo wil ik ze ook opnemen. Ze zijn een gitaarband en dus heeft het geen zin om ze te laten klinken als een keyboardband. Ik wil geen dingen gebruiken die ze niet zelf op het podium gebruiken, want dan ben je bezig het publiek te bedriegen. Bij Fatal Flowers begin ik met het opnemen van drums, bas, twee gitaren, orgel en niet te vergeten de zang. Pas dan ga ik luisteren naar wat erbij moet. Veel producers beginnen met drums en bas en brengen dan lagen met keyboards aan, waarna er uiteindelijk geen ruimte meer is voor de gitaren. Je moet eerst de karakteristieke dingen van de band opnemen en dan pas de extra's. Daarbij is het ook belangrijk dat je zo vroeg mogelijk de zang op de band hebt staan. Vaak wordt er zoveel tijd gespendeerd aan het opnemen van de muziek dat er nauwelijks tijd is voor het inzingen, terwijl de zang juist zo belangrijk is. Een andere reden om de zang al vroeg op te nemen is dat je precies weet waar je wel en vooral waar je geen ruimte hebt voor extra dingetjes."

In hoeverre moet voor jou een take technisch perfect zijn?
"Het moet voor mij op een emotionele manier goed zijn. Het moet de juiste overtuiging hebben. Jimi Hendrix speelde soms verschrikkelijk vals, maar wat hij deed was wel heel overtuigend. Waar je natuurlijk wel rekening mee moet houden is dat je een plaat maakt die geluidstechnisch vergelijkbaar is met de rest van de platen die uitkomen, want iedereen luistert veel meer met 'hifi-oren' dan vroeger. Maar dat is niet zo'n probleem met de apparatuur die je in de gemiddelde studio tot je beschikking hebt. Waar ik sterk in geloof is het idee van 'optreden in de studio'. Ik heb een hekel aan het stoppen van de tape tijdens een nummer. Als de gitarist speelt, dan speelt hij het hele nummer en niet alleen de solo. Hetzelfde geldt eigenlijk voor de zang. Ik ben er ook geen voorstander van om uren overeen bepaald stukje inzingen te doen. Het wordt dan wel technisch perfect, maar tegelijkertijd wordt het emotieloos. Ik zet dan liever een paar versies naast elkaar, waar ik de beste passages uit kies. Van alle platen die ik gemaakt heb zijn de meest opwindende momenten toch altijd die in een keer, bijna per ongeluk op de band gezet zijn."

PRINCE

In wat voor studio ga je Fatal Flowers opnemen?
"In de Nevassa-studio in Woodstock. Het is een gewoon woonhuis waarin een 24-sporen recorder is neergezet met wat randapparatuur. Gewoon 'the usual stuff', niks extra's. Ik geloof niet zo in goede of slechte studio's. Het gaat er niet om wat er staat, maar om wat je er doet. Ik heb mensen in de beste studio's van de wereld zien gaan en er met verschrikkelijke platen weer uit zien komen en andersom. The Eurythmics hebben een aantal van hun mooiste platen opgenomen met een 8-sporenrecorder. Ik ben pas in die nieuwe studio van Prince geweest en daar staat eigenlijk niks bijzonders. Ik bedoel, het is best een mooie controle-kamer en er staat weliswaar een custom-built mengtafel, maar het is geen uitzonderlijk goed spul. Een hoop mensen zullen ervan zeggen dat het troep is wat hij heeft staan. Maar als je dan z'n platen hoort. . ."

En het is voor jou natuurlijk prettig om terwijl je aan het werk bent eens een maandje thuis te zijn.
"Zeker, maar vergeet niet dat het belangrijk is dat je daar ongestoord kunt werken. In steden als New York raak je snel afgeleid, in Woodstock is behalve het opnemen van een plaat weinig te doen."

Ken je behalve Fatal Flowers nog andere Nederlandse bands?
"Nee,. . .eh. . . was Golden Earring niet uit Nederland? 'Radar Love' is een van mijn favoriete liedjes. Oh ja, gisteravond ben ik naar een band wezen kijken....eh....Bad to the Bone, die vond ik fantastisch! Ze hebbende juiste mentaliteit: get on stage and do it, gewoon de boel vermaken. Als je hen ziet wil je zelf ook gitaar gaan spelen

Bron: Music Maker, Jan van der Plas

terug naar de media pagina