Nastasta Den Haag 13 juni 1985 TOURDATA

recensie

Onschuld en fanatisme in frisse rock Fatal Flowers

Niet alleen in Amerika maakt de popmuziek een opmerkelijke renaissancedoor, ook in Nederland worden elementen ontleend aan de traditie van dertig jaar rock & roll aangewend om een eigentijds levensgevoel vorm te geven. Die nieuwe ontwikkeling concentreert zich nog voornamelijk op Amsterdam waar groepen als Claw Boys Claw en L'Attentat niet gehinderd door enige schroom korte metten maken met de prekerigheid van het cabaret dat de vaderlandse popmuziek tot voor kort kenmerkte.
Ook de jonge Amsterdamse band Fatal Flowers staat op het toneel met een air alsof ze de rock & roll zojuist hebben uitgevonden en verklaart in muziek, presentatie en houding zich onomstotelijk gebonden te weten aan de illustere Engelse en Amerikaanse voorgangers. Die mengeling van traditie en frisheid geeft het kwartet een elan dat tot voor kort onbekend was binnen de zich onder NAP profilerende popmuziek van eigen bodem.
Voor een groep die nauwelijks een half jaar bestaat, maakt het viertal op het toneel een verbazingwekkend hechte en strakke indruk. Naast de ervaring die de groepsleden, afkomstig uit Amsterdam en Utrecht, opdeden in diverse lokale bands, draagt een gezonde dosis fanatisme daartoe bij. De carrière van de groep heeft inmiddels al een opmerkelijke vlucht genomen, die heeft geresulteerd in het eerdaags te verschijnen debuut(mini)album dat onder leiding van de Amerikaanse producer Craig Leon (bekend van Blondie and The Ramones) werd opgenomen in Londen.
Hoewel de groep inspiratie put uit diverse, voornamelijk in de jaren zestig opgekomen stijlen, laat ze zich niet als een revival-band kenschetsen. In het groepsgeluid zijn elementen te ontdekken van The Beatles (de meerstemmige samenzang), Creedance Clearwater Revival (aartsrock zonder opsmuk) en The Byrds (psychedelica met een folk-inslag) zonder de voorbeelden slaafs te kopiëren.
Hoezeer de uit de Mod-scene afkomstige groepsleden hechten aan traditie, blijkt uit het hoesontwerp van hun titelloze debuut dat een onopvallende maar voor de liefhebber niet te missen verwijzing naar de vroege Rolling Stones bevat. Die liefde voor de muziek van de jaren zestig, toen de rock zijn onschuld nog niet had verloren, klinkt ook door in de korte en krachtige composities die zonder opsmuk voor het voetlicht worden gebracht.

Met verschillende listig gekozen covers van onder meer The Byrds en The Who, die zich overigens naadloos voegen naar het eigen repertoire, bewijst het viertal zich bewust te zijn van zijn artistieke schuld. En daarnaast schaamt de groep er zich ook niet voor om een nauwelijks te coveren liedje als Fire van Jimi Hendrix met veel naïef enthousiasme voor het voetlicht te brengen.

Daarom was het wel zo treffend dat Fatal Flowers tijdens de toegift van het optreden in de Haagse discotheek Nastasta een collega-muzikant, gitarist Fred Kienhuis van de Haarlemse World War Rockers, op het toneel uitnodigde om een van inzet bijkans uit zijn voegen barstende uitvoering van Eddie Cochrane's Something Else. Zoveel onschuld was de Nederlandse popmuziek tot voor kort onbekend.

Bron: Alfred Bos, NRC Handelsblad 17 juni 1985

terug naar de tourdata pagina