Oor 30 november 1985 MEDIA

Pietje Bell in Germany

'Ah, eine Beatkapelle!', krijgen de Fatal Flowers aan de Oostduitse grens te horen. Pietje Bell in Germany: een buitenlands hoofdstuk uit het jongensboek van de Amsterdamse gitaarscene. Eind oktober toerden Fatal Flowers en The Otherside door Duitsland. Berlijn en Hamburg. 'Geschwindigkeitskontrolles’, Kebab, Champagne en Skinheads. Bier Und Bockwurst.

'Wer reitet so spät durch Nacht Und Wind?' Twee Nederlandse busjes. In het groene busje knikkebollen de leden van The Otherside, Neerlands meest fanatieke sixties-fanclub die ook nog muziek maakt. In de grotere, witte bus prijkt boven het dashbord een Je Ziet Maar-Pokal. De Fatal Flower-bus. Zanger Richard gniffelt: 'We hebben die Je Ziet Maar-trofee gewonnen, met 41 brieven voor ons tegen 39 voor The Actor. Kunst, we hadden zelf 40 brieven ingestuurd.' Fatal Flowers is momenteel de snelst stijgende band van Nederland. Villa Tempo, Pandora, VPRO, Je Ziet Maar, Music Box, het gaat gevaarlijk hard met deze Amsterdamse gitaar- en spijkerpakbrigade. Heel anders vergaat het The Otherside. Als de band weer eens een 'gezellige gig' in den lande heeft, lijkt men al dik tevreden. De revival-gedachte, waarbij het viertal zweert - niet voor niets is bij wijze van extra de Prikkellichtshow, vermaard om haar psychedelische vloeistofprojectie, tijdens dit toertje ook van de partij - staat vooralsnog echte groeimogelijkheden in de weg. Toch is The Otherside niet weg te denken uit de Amsterdamse gitaarscene, al was het alleen maar om hun aan waanzin grenzende muzikaal enthousiasme, haast encyclopedische sixties roots-kennis en vooral hun vermogen om volstrekt authentiek 'de prille bleuheid' van 1967 naar 1985 te transplanteren. Goddomme, het eerste dat ik na een nacht doorrijden op Duitse bodem doe is Käsekuchen eten en weer uitkotsen. Marienbron, Oostduitse grens, drie uur te gaan over de Oostduitse Autobahn. Natuurlijk zijn wij in de groene Otherside-bus te slaperig om ons te realiseren dat de Vopo's op de loer liggen om in speciaal ingerichte 80 km-zones argeloze westerlingen in de val van 'Geschwindigkeitskontrolles' te lokken. Vaart minderen, stoppen in niemandsland. 'U heeft 24 km te hard gereden, dat kost u 100 DM,' rekent een hoerapet voor. Harde valuta. De man is onverbiddelijk. 'Es muss sein,' prevelt Hermandad, ongetwijfeld een brave huisvader uit de omgeving van Maagdenburg, wanneer slaperige hoofden vanuit de bus voorstellen als alternatieve straf ter plekke enige sixties-nummertjes ten gehore te brengen.

'Es ist hier, kein Parkplatz'
(Oostduitse beambte)

Berlijn, Kreuzberg. Het gezelschap is moe, verfomfaaid en hongerig. Er moet 'gesnackt' worden. Drummer Lex Eliëns haalt een Kebab (3 DM) en gitarist Marcel Kruup verlangt naar Bockwurst ‘zo vet dat het over je ellebogen druipt'. We strijken neer in café Rampenlicht, waar Kruup smakelijk verhaalt over de tijd dat hij nog werkzaam was op die centrale banketbakkerij van het HEMA-concern te Utrecht. Daar bouwde hij een gewisse reputatie op in het onhoorbaar (met schroevedraaier) openen van bezette toiletten om vervolgens de deur open te trekken. De sterke verhalen volgen elkaar op. Kruup gooit een lepel naar een collega en die blijft in diens hoofd steken. Kruup duikt in vol sixties-ornaat in de gracht en komt 'besmeurd met drollen’ op de bakkerij aanzetten. Kruup verwart - terwijl hij kersen op sap staat te schenken - de kale schedel van een collega met een beker vla en moet vechten voor zijn leven. Hollanders in Rampenlicht. Bulderend gelach en rode ogen.

'Die worst is niet vet genoeg’
(Marcel Kruup)

Zo mogelijk nog slaperiger oogt de Fatal Flowers-meute die onderuitgezakt ligt in het huis van ene Matthias, zanger/gitarist van voorprogramma The CHUD en organisator van de Berlijnse ‘dates’. Harde muziek, koffie, bleke hoofden. FF-gitarist Dirk Heuff ligt midden in de kamer voorover op een dekentje en moet gejonast worden voor hij uit zijn coma ontwaakt.

'Het Berlijnse publiek is arrogant’
(Mathias, zanger van The CHUD)

Eind van de middag vertrekken de twee bussen richting de wijk Wedding, waar de TC (Tanz Café) te vinden is. Wat beide bands in deze lokaliteit moeten, is eenieder bij aankomst een raadsel. Het betreft een duur opgezette discotheek met belendend zalencomplex, inclusief bowlingbaan en gokhal. Zo'n honderd belangstellenden leggen 9 DM neer om de twee bands 'aus Amsterdam' met The CHUD in het voorprogramma te bewonderen. Valt er iets te melden? The Otherside en Fatal Flowers vervullen mij met enige chauvinistische trots door aan het murw reagerende publiek uiteindelijk toch nog wat enthousiasme te ontlokken. Maar als ik eerlijk ben had deze avond net zo goed in Barneveld kunnen plaatsvinden. Weinig Berlijn.

'In Wedding wonen die Prols'. Die Wat? 'Die Proletarier. ZE Wörker!’
(Kalle, organist van The CHUD)

Wat is er met de Berlijnse 'Muziekscene' aan de hand? Het lijkt gerechtvaardigd voorzichtig te constateren dat zij die enkele jaren geleden nog op verwarmingspijpen stonden te beuken nu hun hart hebben verpand aan psychedelische muziek zoals die in de jaren zestig aan Amerikaanse suburbs ontsproot. Industriële Tanzmusik meets Psychopunk. De meest 'hotte' tent op dit moment is een club genaamd Risiko in Kreuzberg, volgens de verhalen - tijd voor een bezoekje is er niet - vergelijkbaar met het Amsterdamse Armageddon/Armadillo-fenomeen. Mathias van The CHUD schetst: ‘De vorige trend was trash, de meeste bands speelden Lords Of The New Church -achtinge muziek. Nu is Psychedelica "in". De nieuwe scene heeft een heel slechte naam. Veel zaaleigenaren weigeren psychedelische bands te contracteren, ze gedragen zich te arrogant op het podium.'

'Ik vindt The Otherside te sixties en Fatal Fiowers net een Amerikaanse rockband. Ik wil iets anders
(Mathias, zanger The CHUD)

De recente ontwikkeling wordt aardig geïllustreerd in KOB, de zaal waar de volgende avond wordt aangetreden, Paisley-shirts gaan schoorvoetend schuil onder zwart leren jacks, die in een vroeger stadium zo ultiem 'cool' leken. Aan de muur in KOB hangen drie zeefdrukken van de mislukte moordaanslag op Ronald Reagan. KOB Is een groot café, zo men wil een kleine concerthal aan de Potsdammerstrasse in het centrum van de stad. Hier komen 'die Freaks'. Het is bomvol. De Prikkellichtshow doet het zaaltje waden in een bubbelbad van iriserende tintelingen; decor voor The Otherside wier set in deze ambiance mogelijkerwijs iets te hevig is. Desondanks kent het optreden grootse momenten, zoals wanneer Marcel Kruup zijn gitaar/zelfbevredigingsact doet in het nummer Haunted House, één van de naar mijn mening klassieke Nederlandse composities van het afgelopen jaar. Achteraf hoor ik dat zanger Michel Terstegen zijn stem spaarde voor de 'gig in Hamburg'. In de zaal viel daar niets van te merken.

'Ich bin ein Berliner'
(Marcel Kruup)

Wat Fatal Flowers daarna ten deel valt is pure triomf. Op het podium dat bassist Marco Braam zo uitstekend kent aangezien hij er twee jaar geleden tijdens een optreden met zijn toenmalige band AWACS doorheen zakte, sleurt de band zich van climax tot climax. Het viertal stoomwalst over het publiek heen. En KOB gaat gewoonweg plat. Glansrol voor Henk Jonkers die vanachter zijn drumstel zijn bandgenoten zo ongeveer de zaal lijkt in te willen drijven. Opvallend is overigens de muzikale koerswijziging die de nieuwe nummers vertonen; soul-invloeden hebben hun intrede gedaan, hetgeen zanger Richard Janssen menigmaal de gelegenheid geeft tot onvervalst 'rappen'.

'Fatals! Fatals!'
(scanderend publiek)

Toegiften. The Otherside en de Flowers komen terug om samen ‘Psycho’ te vertolken. Acht man op het podium. De Duitsers worden waanzinnig. Uiteindelijk zal de avond eindigen met Dylans It’s All Over Baby Blue, waarna gitarist Dirk Heuff twee minuten lang in z’n eentje op het podium staat te tollen. Strompelt tegen de muur aan, versterker blijft piepen. Klassiek R&R-moment. Zakt door zijn knieën, loopt rood aan, wrijft in zijn tranende ogen, slaagt er niet in zich van zijn gitaar te ontdoen. Sigarretenrook in zijn ogen.

‘.............’
(Dirk Heuff, gitarist Fatal Flowers)

De zaaleigenaar komt met champagne aanzetten, Henk Jonkers moet zijn drumstokken aan het publiek geven. Jonge helden, bezwete lijven. Hoe vergankelijk succes is, zal de volgende dag blijken

'Who are these guys, we think they’re fucking briljant. From Amsterdam? We thought they were American.'
(Twee toeristen uit Manchester)

Aan het ontbijt de volgende ochtend in het voormalige 'Bezetztes Haus’ van CHUD-drummer Ginger, wiens haar potsierlijk groen geverfd is lijken de Flowers eerder op een stel padvinders, dan op de ruige r&r-band van de avond tevoren. Dirk Heuff komt er na tweeënhalve dag achter dat ik niet Jan Vollaard ben en gaat vervolgens salsa-deuntjes 'jammen' op een akoestische gitaar. Het wordt tijd om te vertrekken. Bij het instappen in de bus ontkurkt Pierre, de zestienjarige FF-roadie, een overgebleven fles champagne neemt er hoogstens twee slokken van en giet de overgebleven inhoud met balorige pisboog in een bouwput. De doelloze handelingen nemen in aantal toe, we zijn nu pas echt 'bandjes on the road'. Op het grasveld voor de Reichstag wordt een potje gevoetbald. Nabij dreigt Muur. Ook The Otherside-bus arriveert. Marcel Kruup is uit zijn humeur, hij en bassist Peter (Sergeant) Petter hebben in de bus geslapen. Koud, koud, koud. Drummer Lex Fliëns en de leden van de Prikkellichtshow. Arno en Elly (vanwege hun onafscheidelijkheid al gauw Elly en Rikkert genoemd), hebben de nacht doorgebracht bij de bassiste van The CHUD. Met z'n vieren in het tweepersoonsbed van deze dame, die zich - zo beweert ze - door haar psychiater had moeten laten overtuigen dat ze GEEN vampier is.

'Eerst het karakter, dan de borsten en dan een hele tijd niets'
(Lex Eliëns, drummer)

Het hele zootje posteert zich op de trappen van de Reichstag. Uit Kruup's cassetterecorder schallen vroege Beatle-composities. Men slaat aan het gogo-swingen. Pret. Dan eindelijk naar Hamburg. Consternatie aan de grens wanneer blijkt dat het paspoort van Elly in de bus van de Flowers ligt, die de Oostduitse douane reeds gepasseerd is. Grote paniek, en uiteindelijk opluchting wanneer blijkt dat de Flowers-bus een honderdtal meters voorbij de landsgrens staat te wachten. We hadden Elly reeds opgegeven, maar een douane-beambte gaat het paspoort halen. Met gejoel schiet The Otherside-bus de Oostduitse corridor in. De weg van Berlijn naar Hamburg is mooi, aanvankelijk rijden we over een ouderwets ogende binnenweg, dan kilometers lang midden door een Russisch legerkamp. Middeleeuwse Starwars-ervaring. Marcel Kruup verklaart Oost-Duistland tot ‘pas echt sixties’. We zwaaien naar troosteloze Trabants en rammelende schoolbussen. Michel Verstegen leest als opwarmertje voor Hamburg The Story Of Pete Best, de aanvankelijke Beatle-drummer die Ringo Starr voorafging. Sappige anekdotes over Hamburg in de vroege jaren zestig. John, Paul, George en Pete hadden de dames voor het uitkiezen. ‘Jij, jij en jij,’ bepaalt Kruup zich denkbeeldig een keuze.

'Moet ik die vent mijn paspoort geven. Volgens mij hebie nog geen haar op zijn lul.'
(Marcel Kruup bij de laatste Oostduitse grenspost)

De straten liggen er kil en verlaten bij, wanneer we Hamburg binnentuffen. The Otherside heeft reeds eerder opgetreden in het Kleckstheater - ook wel ‘Neue Starclub’ genoemd - en kwam destijds terug met verhalen over krijsende meiden en uitzinnige taferelen. Bij aankomst staan de mensen al voor de deur. We herkennen meisjes die er de vorige twee avonden in Berlijn ook bij waren, ze moeten ons nagereisd zijn. Verderop op een pleintje staat de fraaiste scootercollectie die men zich maar in kan denken. Nummerborden wijzen uit sommige bezoekers wel van heel ver zijn gekomen. Frankrijk, Zwitserland, Denemarken. Op het pleintje treffen de Mods elkaar. Eerlijk gezegd maken zowel de sixties-meisjes, tieners in Cilla Black-verfassung, als de Mods op mij een duffe indruk. Gedragscode volgers, die hun jeugdcultuuruniformen showen. De Flowers vrezen het ergste, ‘slonzige Swiebertjes’ als ze in deze modewereld zijn. The Otherside daarentegen heeft grote verwachtingen. Het zal allemaal vervelend uitpakken. Wanneer de Flowers het podium betreden (zij openen de rij voor de Zweedse garageband Backdoor Man, The Otherside en de Britse alcoholisten van The Prisoners) manifesteert zich een derde - jammer genoeg minder der duffe - brok jeugdcultuur: skinheads. Hun voornaamste activiteit bestaat uit zuipen, pesten en provoceren. Bij het optreden van Fatal Flowers lukt dat laatste ze aardig. Met een dikke zultkop als leidinggevend middelpunt van de skinheads wordt meermalen Richard Janssens microfoon ontvreemd. 'Sieg Heil' schalt door FF-nummers heen de zultkop en zijn maatjes hebben zichtbaar plezier. Nazi-groeten. Wrange gedachten schieten door mijn hoofd; Bart Chabots verzuchtingen over het ontbreken van HET KWAAD in de huidige popmuziek, Nick Cave's obsessie met 'geweld dat voortkomt uit onwetendheid en stupiditeit'. Elitair gezeik wanneer je er zelf middenin zit. Na een minuut of twintig geeft Fatal Flowers er stijlvol de brui aan. Zowaar heeft Richard Janssen zijn microfoon weer eens ter beschikking. Hij gaapt, peutert in zijn neus en laat zich een 'I guess you Germans never learn’ ontvallen. Af. Even later - te laat, de politie eigen - komen de klabakken de zaal in. Van Hollandse zijde wordt 'der Dicke' als hoofdschuldige aangewezen. Hij wordt samen met een aantal soortgenoten afgevoerd, maar is tien minuten later al weer terug in de zaal. 'De politie lacht ons gewoon uit’ zegt een over zijn toeren geraakte zaaleigenaar. De lol is er allang af. Bij het optreden van het Zweedse Backdoor Man sta ik verbijsterd te kijken hoe de sixties-meisjes volstrekt mechanisch staan te gogo-en, tegen het podium geplet worden door de skins, in snikken uitbarsten en met pathetisch betraande gezichten onmiddellijk weer aan het dansen slaan. Een zielige vertoning. Net zo goed als het belachelijk is dat Backdoor Man At The Love-In staat te spelen terwijl hun volstrekt bezopen Zweedse fans door skins door de zaal worden gesleurd. De klabakken komen vlak voordat The Otherside begint wederom de zaal in. Ditmaal worden de voornaamste aanstichters van het terreur definitief verwijderd. Een bedremmeld 'Nazi’s Raus' ontstijgt de kelen van de tot dusverre zo zwijgende massa. 'Geen gezellige gig,' zegt Michel Terstegen na het Otherside-optreden. De zaal is hermetisch afgesloten. De skins voeren buiten voor de deur een belegering uit. Twee uur later, vier uur 's ochtends, keert de rust weder. Niemand heeft nog zin om in Hamburg te blijven, de beide busjes zetten koers naar Nederland. Bij grensovergang Denekamp wordt koffie gedronken. Het is zondagavond. Fietsende Denekampers gaan 'ter kerke'. Marcel Kruup discussieert met Elly van de Prikkellichtshow over 'wanneer de sixties in de muziek beginnen'. Elly: 'In '63.' Kruup: Tussen '67 en '69 is het pas echt boeiend.' We zijn weer thuis.

Bron: Oor, Tom Engelshoven

terug naar de media pagina