Oor 10 maart 1990 MEDIA

FATAL FLOWERS
'Hoe bekender je wordt, des te groter wordt de druk'
De Bloei Van Een Bandje

Toen platenmaatschappij WEA haar Nederlandse stal ophief, kondigde zij niet zonder trots aan dat er voor de Fatal Flowers een uitzondering zou worden gemaakt. Want in tegenstelling tot de meeste Nederlandse artiesten was dat een band met internationale allure en mogelijkheden. We zijn inmiddels anderhalf jaar verder. De internationale allure van de Fatal Flowers is - met het aantrekken van de l9-jarige gitarist Robin Berlijn - alleen nog maar gegroeid, zoals te horen is op de nieuwe elpee Pleasure Ground. De enige manier waarop de Flowers een en ander echter hebben kunnen bewijzen, was door zelf een studio af te huren en op eigen kracht de strijd tegen de elementen en de bodem van de financiële put aan te gaan.

'De WEA-stal bleek er een zonder voer,' trekt zanger/gitarist Richard Janssen de metafoor door. 'Het was een beetje een papieren tijger. Er was helemaal geen budget. De A&R-afdeling was officieel opgeheven. Dus kreeg men ook geen geld meer van WEA International om aan eigen artiesten te besteden. WEA Nederland wilde ons graag houden, omdat ze het idee hadden dat ze ons misschien bij een andere WEA-maatschappij onder zouden kunnen brengen. Maar dat liep niet echt. Dus op een gegeven moment hebben wij gezegd: wij willen nu gaan opnemen. Hebben jullie niks, dan willen we weg. Nou, daar deden ze totaal niet moeilijk over.'
Heb je vervolgens geen andere maatschappij gezocht?
'Daar zijn we natuurlijk wel mee bezig geweest. Maar dat liep erg moeizaam. Nederlandse maatschappijen hadden gewoon geen geld om de plaat die ons voor ogen stond te betalen. Gezien het aantal platen dat je hier doorgaans verkoopt, is een ton - wat onze vorige elpee gekost had - ook eigenlijk heel veel geld. Maar wij hadden geen zin om een stap terug te doen.
Hadden jullie zelf wel een ton in je achterzak?
'Verre van dat. Dat is natuurlijk ook een drempel waar iedereen op stuit en over struikelt. In ons geval heeft ons management, Flying Dutchman, het risico genomen om te investeren. Een risico dat in Nederland te weinig genomen wordt. Ga hier maar eens naar een financier toe en zeg: ik wil een halve ton hebben, want ik wil een plaat van een Nederlands bandje gaan maken. Dan lig je meteen vierkant op straat. Voor Flying Dutchman heeft het gelukkig goed uitgepakt, want zij hebben het geld inmiddels volledig terug. We konden alleen niet afmixen voor de deal rond was dat Phonogram Nederland een gedeelte van de plaat betaalt en Phonogram Duitsland een nog veel groter gedeelte. Het begint nu een beetje te komen dat Europese maatschappijen ook Europese bands gaan tekenen. Zodat ze elkaars bands beter gaan promoten. Tot nu toe hadden ze natuurlijk wel allemaal dezelfde moedermaatschappij, maar eigenlijk waren het allemaal hele kleine eilandjes. Ik denk dat ze met het oog op 1992 beginnen in te zien dat ze Europa ook als één grote markt kunnen beschouwen.'
Heeft die centralisatie niet tot gevolg dat er straks een heleboel lokale artiesten zonder contract komen te zitten?
'Ik denk eerder het omgekeerde. Ik denk dat de grotere acts door heel Europa gedistribueerd zullen worden, en dat de kleinere acts, die in eerste instantie voor de lokale markt getekend zijn, doorgroeimogelijkheden krijgen. Nu is Nederland het plafond. Met als gevolg dat er minder geld beschikbaar is.'

STRESS
In de beste Flowers-traditie vonden de uiteindelijke opnamen plaats in het buitenland. in dit geval de Zwitserse Powerplay-studio, waar Europe indertijd de basis legde voor haar Final Countdown. Overdubs, zoals de gastbijdragen van René van Barneveld in Arthur Conley's Funky Street en de achtergrondkoortjes van ex-Mai Tai Mildred Douglas, werden gedaan in Studio 150. Dit met uitzondering van het titelnummer, waarvoor in de eigen oefenruimte nog het een en ander op de band werd gezet. Aangezien er van enig niveauverschil met de rest van het materiaal amper sprake is, rest de vraag waarom er niet meer is opgenomen? 'Om gitaren op te nemen heb je meestal niet meer nodig dan een Marshall-kast en een goede versterker, waar je een goedkope microfoon voor zet. Gitaren zijn in wezen gewoon gecultiveerde defecten. Het zijn versterkers die oversturen terwijl ze niet hadden moeten oversturen, elementen die op een bepaalde manier klinken omdat ze slecht geworden zijn, microfoons die goed klinken voor gitaar omdat ze maar een beperkt spectrum van het geluid oppikken. Ga zo maar door.'
Over gitaren gesproken: jullie speelden eerst met Dirk Heuff maar omstreeks het uitkomen van Johnny D. Is Back scheidden jullie wegen. Terwijl jullie eerder de zaak nog vijf maanden plat hadden gegooid omdat hij de groeiende populariteit niet aankon.
'Blijkbaar waren die vijf maanden niet lang genoeg. Toen we weer gingen optreden werd het duidelijk dat we de zaak geforceerd hadden. Hoe bekender je wordt, hoe groter de druk wordt en hoe stressbestendiger je moet zijn. Het is maar net hoe je het opvat. Als je dingen als optreden, reizen, interviews doen, iets moeten maken of een plaat op tijd af hebben interessant of leuk vindt, dan is het best op te brengen. Maar als je bepaalde aspecten minder vindt, dan wordt het al moeilijker.
Kon je het je als professioneel ingestelde muzikant veroorloven om de band een aantal maanden plat te gooien?
'Misschien ben ik dan toch niet zo professioneel. Als ik vind dat het zo moet. dan gebeurt het gewoon. Dat is meer typerend voor de manier waarop wij werken, dan het soort professionalisme waarmee je uiteindelijk persoonlijk weinig opschiet en waarmee je snel alleen komt te staan. Als je al zo'n over-lijken-mentaliteit nodig hebt, dan moet je die eerder naar buiten dan naar binnen richten.'
Dus de overweging om een andere gitarist te zoeken speelde niet al aan het begin van die vijf maanden gedwongen pauze?
'Nee, Dirk was gewoon lid van de band. En als hij vijf maanden nodig heeft, dan wacht je daarop. Maar als na de plaat en de optredens blijkt dat het probleem structureel is, kun je er beter nog een keer over praten. Dat hebben we toen ook gedaan, en vervolgens besloten dat het voor ons aller gezondheden beter was om te stoppen. Op het moment dat Dirk uit de band ging, zaten we alleen midden in de toer en moesten we verder. Nu zit ik niet zo heel erg in de muzikantenscene, dus op dat moment kende ik maar twee gitaristen die het zouden kunnen. De ene was Wouter Planteijdt van Sjako!, maar die had teveel verplichtingen elders. René van Barneveld (ex-Gaga nu Urban Dance Squad - HvdH) daarentegen wilde ons wel even uit de brand helpen.'
Heeft René's affiniteit met funk invloed gehad op de funky uitstapjes die op deze plaat staan, zoals de cover van Arthur Conley's Funky Street?
Dat nummer heeft jarenlang bij mij aan de muur gehangen. Het had een blazersriffje dat -als je het op gitaar speelt - voor hetzelfde geld een Led Zeppelin-riff had kunnen zijn. Omdat René gewoon invaller was, hebben we met uitwerken gewacht en zijn we tijdens die toer ook niet gaan schrijven of dingen uit gaan proberen in de oefenruimte. Want als René na een poos weg zou gaan, moest je dan de riffs die hij bedacht had wel gebruiken of niet? Moest je die dan ook de volgende gitarist weer laten spelen? Of moet je alles weer weggooien en opnieuw beginnen?'

MOTIVATIE
Met de komst Robin Berlijn kon die knoop worden doorgehakt. Op zoek naar een band was deze 19-jarige Snarenplukker, die de stelling 'Hendrix is de Bijbel voor alle gitaristen' hoog in het vaandel draagt, net vanuit Zoetermeer naar Amsterdam verhuisd, en onder het motto 'waarom zou je niet meteen bovenaan beginnen' had hij op het antwoordapparaat van het management de boodschap ingesproken dat hij zichzelf de beste keus achtte, als de Fatal Flowers naar een permanente gitarist op zoek zouden gaan. Of hij zichzelf een serieuze kans toedichtte? 'Natuurlijk! Als je er van tevoren al van uit gaat dat het niks wordt, heb je te weinig motivatie,' zegt de man in kwestie overtuigend. Een duidelijker bewijs dat de vereiste instelling meer karakter- dan leeftijdsgebonden is konden de Flowers niet krijgen. Dus werd Robin, nadat andere audities niet het gezochte resultaat hadden opgeleverd, verzocht te blijven. Dat gold ook voor de van David Bowie, Mott The Hoople en lan Hunter bekende gitarist, die de vorige elpee Johnny D. Is Back aan het vinyl had helpen toevertrouwen.
'Bij Younger Days waren we al op zoek naar een bekende muzikant, die zich iets meer met de andere kant van het platen maken bezig hield. We hebben toen ook nog geprobeerd James Williamson op te sporen. Toen we op een gegeven moment in een oud busje op de bonnefooi naar Londen gingen om twee optredens te doen hebben we Mick Ronson gebeld. Mensen als Ronson blijken heel makkelijk te bereiken. Daar verbaasde ik me toen nogal over. Want het is natuurlijk iemand die heel ver van je bed afstaat. Ik denk dat Nederlandse bands dat gewoon vaker zouden moeten doen.'
Praat je dan niet meteen over een gigantische onkostenpost?
'Het is in het algemeen zo dat producers zich best naar je budget willen schikken. Oké, als je een Dave Edmunds wilt, krijg je te horen: dit kost het, graag of niet. Meestal praat je dan al over twee keer het platenbudget dat jij te besteden hebt, dus dan houdt het op. Maar een heleboel andere producers willen wel even mee rekenen of het voor hen rendabel is. Over het algemeen zijn het niet zulke langlopende projecten, zit je maar een week of twee in de studio. Dat is voor zo iemand ook nog wel te overzien.'
Waarom heb je deze elpee opnieuw met Mick Ronson opgenomen?
Met Johnny D. had ik het gevoel dat we ergens naar toe aan het werken waren, wat we niet volledig hebben kunnen afmaken. Door omstandigheden en door tijd. Onze bassist Geert de Groot zat net bij de band en het kostte nogal wat tijd voordat hij zich helemaal in had gewerkt. Dirk was er niet. Dus in wezen kwam het erop neer dat drummer Henk Jonkers en ik alles gemaakt hebben. Als je met zijn tweeën met akoestische gitaren, of af en toe met zijn drieën, iets laag voor laag op een band moet opbouwen, krijg je heel andere muziek dan wanneer je met zijn vieren in de oefenruimte naar de plaat toe hebt zitten werken. Vandaar dat ik dacht: dit moeten we nog een keer proberen. Er kan meer uitkomen, uit de samenwerking tussen Mick en de band.'
Wat is zijn invloed in het geheel dan geweest.
'Mick is gewoon een klankbord, om die term maar eens te gebruiken. Niet iemand die continu op het mengpaneel staat om zijn mening door te drukken. Ach, een goede producer merk je eigenlijk alleen op het moment dat hij er niet is.'

SPONTAAN
Waar herken je een goede band aan?
'Mijn eerste echte liefde als jongetje van een jaar of elf waren toch wel de Stones. Alle elementen van goede pop of rock - een bepaalde spanning, iets afstotendst, een boel sex - zitten daarin. Je hebt mensen die het overdrijven. Sommige hardrockbands pakken die elementen en gooien ze helemaal over de top. Dan is het ook niet meer gevaarlijk en niet meer sexy. Maar als je oude Stones-opnames ziet, dan kun je je goed voorstellen dat de hele zaal plat gaat.
Dat doe je vervolgens na?
'Nee. Ik kijk wel hoe je een goede set op kunt bouwen. Maar bij ons gaan de dingen wat spontaner. Er wordt ook meer gejamd. Dat is het bezwaar van sommige hele grote rockshows: alles zit in de computer. Maar wat zijn de momenten die mensen herinneren? Dat zijn de stukken die buiten de set vallen. Wat kunnende mensen zich herinneren van het optreden van Neil Young, enkele jaren geleden? Dat hij halverwege een nummer stopt en zegt: dat doen we nog maar een keer, want het klinkt zo klote! Dat zie je soms te weinig terug. Want je kunt ontzettend op je bek gaan. Wij hebben wel eens te lange jams gedaan. De langste was ooit bij Countdown Café die we twintig minuten lang, tot na de pips van twaalf uur hebben volgehouden. Tot op het moment dat we enkel nog maar stonden te piepen en te knorren. Dat was niet helemaal wat ze zich van een live-concert hadden voorgesteld, kregen we backstage te horen. Een goede radiomaker denkt juist: dat is mooi, want dat gebeurt in geen enkel ander programma. Net zoals wij de Edison gewoon grijpen als hij ons uitgereikt wordt. Een goede regisseur denkt: een mooi incident in mijn programma, dat staat morgen in de krant. Een slechte denkt alleen: mijn hele mise en scène naar de kloten.'

HET NEEFJE
Wat onderscheidt een goede zanger van een slechte?
'Een goede zanger vertelt. Daar luister je ook naar. Een slechte zanger schreeuwt alleen maar. Als mensen het over een goede zanger hebben, bedoelen ze vaak: die heeft een goede stem. Maar dat zijn twee heel verschillende dingen. Je hoeft als goede zanger helemaal geen goede stem te hebben. Ga de popgeschiedenis maar langs: van Bob Dylan wordt gezegd: wat een vreselijke zanger. Nee, ze bedoelen: wat heeft die man heeft een vreselijke stem. Maar het is wel een ontzettend goede zanger. Het is jammer dat de Earring op een gegeven moment is blijven stilstaan. Niet zozeer muzikaal, als wel carriërematig. Want ik vind Barry Hay absoluut één van de beste zangers die Nederland heeft, zoniet de beste. Daar schort het hier nogal aan. Bij Nederlandse bands heb je meestal drie of vier goede instrumentalisten en daarnaast het debiele neefje dat mag komen zingen. Het is hetzelfde als wat je vroeger met voetbal had. Degene die er echt niks van kon moest keepen. Later is diezelfde jongen 14 of 15, en dan mag hij de zanger van de band zijn.'
Zo te horen voel jij je dus niet echt bedreigd door andere Nederlandse bandjes.
'Ik heb dat gevoel nog nooit gehad, hier in Nederland. Op het moment dat er hier in Nederland een paar goede bands waren, was er altijd ruimte zat voor die bands. Als Claw Boys Claw of de Urban Dance Squad de beste zijn, dan krijgen wij daar echt geen optreden minder door. En andersom ook niet. Die twee of drie goede bands die we hebben kunnen makkelijk naast elkaar bestaan. Daarbij is Nederland zo klein dat de muzikanten in die bands ook nog allemaal bekenden van elkaar zijn. Dus de concurrentie bestaat alleen in de bizarre fantasieën van sommige scribenten. Nederland is wat dat betreft een heel bedeesd en rustig landje.'
Je zit er ook niet mee als je wordt afgeschilderd als de Dire Straits van de Amsterdamse School?
'Wij vielen altijd al een beetje buiten die scene. Wij waren de eersten die bij een grote maatschappij gingen zitten, dat was natuurlijk al helemaal niet comme il faut. Toen gingen we ook nog eens naar het buitenland om met een buitenlandse producer onze eerste mini-elpee op te nemen. Dat getuigde helemaal van een grenzeloze arrogantie. Zo'n soort sfeer hangt er gewoon in bepaalde scènes. Toen men er op een gegeven moment achter kwam dat wij vier, soms wel vijf dagen per week repeteerden, toen waren we helemaal van God los. Maar uiteindelijk is iedereen daarop teruggekomen en doen ze het nu allemaal. Want waarom zou je maar één avond per week repeteren? Zodat je de rest van de dag kunt zuipen, studeren of werken? Nou, dan moet je ook verder niet zeiken als het nooit van de grond komt.
Maar wordt popmuzikant-zijn nu niet echt een baan?
'Bij het woord baan krijg je meteen een negatieve lading. Maar spits zijn van het Nederlands elftal, dat is ook een baan! En daar zou ik ook wel voor willen tekenen. Toch?!'
Voorlopig zul je je tevreden moeten stellen met een bescheiden tekstje over voetbal, vrees ik. Al dan niet in bedekte termen.
'Ik heb ontzettend de schurft aan het soort vage teksten, die zo onbegrijpbaar zijn dat de maker waarschijnlijk wel iets intelligents moet bedoelen - want anders zou het onzin zijn. Met als gevolg dat als jij er iets uithaalt, je zelf ook wel minstens die graad van intelligentie moet hebben bereikt. In wezen is dat dus één grote zelftbevlekking. Ik hou daar niet zo van. Als ik het in How Many Years heb over a bitter old lady with a briefcase full of schemes bedoel ik de manier waarop in Amerika de afkeer van de oude Europese ideeën, waar men zich als natie 200 jaar geleden tegen verzette. Sindsdien hebben ze een draai van 180 graden gemaakt, zodat Europa nu veel progressiever is dan Amerika. Maar het hoeft niet zo te zijn dat iets wat ik er in leg er ook per se uitkomt. Het kan ook over een vrouw gaan. Terwijl de strekking van 'verloren idealen' dan wel overeind blijft. Teksten van Tom Waits vind ik vaak heel erg mooi vanwege het taalgebruik. Of Elvis Costello, die in Alison zingt: I know you've been loving some body, I just know it isn't mine. In eerste instantie is het een hartstikke grappige tekst. Maar er zit tegelijkertijd een ontzettende tragiek achter. Als je zo'n gevoel kunt opwekken door een grappige zinsconstructie, dan ben je gewoon een ontzettend goede tekstschrijver.
In jouw teksten valt me op dat 'liegen' in drie verschillende nummers terugkomt. Voelde je je misschien toch bedrogen door de wassen neus die WEA je een tijdlang voorgehouden heeft?
'Je wordt keer op keer geconfronteerd met niet eens zozeer leugens, als wel halve waarheden. Zeker in een periode dat je naar een andere maatschappij loopt te zoeken, hoor je niets anders dan; ze stonden te dansen op de tafel, ze hingen in de gordijnen. Als je dat moet geloven hangt er bij geen enkele maatschappij nog een gordijn aan het plafond. Dat zijn allemaal van die halve waarheden. Maar na al die jaren weten we die gelukkig wel. Daar raken we niet echt opgewonden van. De beslissing van WEA kon ik ook wel begrijpen. Ik vond het ook helemaal niet hun schuld, maar eerder die van Hilversum 3. Een maatschappij zit er gewoon om geld te verdienen. En als op een bepaald moment blijkt dat niemand Nederlandse plaatjes wil draaien, moet je niet gek opkijken als ze een keer zeggen: we zijn geen liefdadigheidsinstelling, we doen het niet meer. Dat is logisch. Ik voelde me dus absoluut niet bedrogen Ik vond het veel eerder iets spannends hebben.'
De zekerheid die je hebt dat je je nummers niet voor niets in elkaar staat te draaien valt daarmee weg.
'Ja, maar zekerheid is sowieso dodelijk voor alle creativiteit. De leukste tijd van een bandje is gewoon het eerste halfjaar. En bij ons is dat een paar keer teruggekomen.

Bron: Oor, Hans van den Heuvel

terug naar de media pagina