ReX
























































BACKSTAGE 12 APRIL 1997

Na Shine en Fatal Flowers nieuw tijdperk voor Richard Janssen

'Rex ben ik gewoon in m'n eentje'

Charmant, subtiel, stijlvol en soms fel. Nederpop-routinier Richard Janssen praat zoals hij muziek maakt. Nu met Rex, vroeger met Shine en Fatal Flowers.

Rex, letterlijk koning. De naam doet denken aan de vergane-glorie-glamour van oude bioscopen met sierlijke krulletters op de gevel. Richard Janssen kwam erop toen hij wat zat te spelen met de letters van zijn beide voornamen, Richard en Alexander. Dat was afgelopen zomer toen hij een opeens een nieuw uithangbord zocht voor een "totaal niet geplande" mini-cd. Janssen was de studio ingedoken om een paar liedjes die hij nog had liggen, vast te leggen voor een single of epee'tje. EenmaaI bezig, kwamen daar als vanzelf een hoop nieuwe nummers bij. ,,Gevoed door het enthousiasme van de mensen om me heen, werd dit project groter en groter", vertelt Janssen een paar uur voor een Rex-optreden in de Amsterdamse Melkweg. Hoewel dat aanvankelijk niet de bedoeling was, besloot hij al snel muzikale vrienden naar de studio te halen om zijn subtiele en intieme liefdesliedjes verder in te kleuren. En voor hij er erg in had stond het mooie mini-album Love Baby Love op de band.

Snoephartjes
Ontwerper Robert Muda, de vaste hoezenman van Shine, was ook erg enthousiast en bedacht een hoogst originele verpakking: een plastic zakje met daarin drie snoephartjes en een eenvoudig doch smaakvol papieren hoesje. Op die hartjes de woorden Love Baby Love, een welgekozen titel voor een plaat waarop Janssen gevoeliger dan ooit voor de dag komt. Bijvoorbeeld in My Girl, een van melancholie en spijt overlopend autobiografisch liedje waarin hij de ontmoeting met een ex bezingt. Alle pijn en weemoed over een verloren relatie knap samengebald in drie minuten. De respons op het fraai verpakte tussendoortje was boven alle verwachting. Het leverde bijvoorbeeld een uitnodiging op voor het Noorderslagfestival in Groningen, waar de podiumeditie van Rex begin januari opvallend debuteerde. Zonder die uitnodiging was Rex misschien wel een eenmalig studio-project gebleven, maar inmiddels begint de concertagenda al weer aardig vol te raken. ."Ik beschouw alle enthousiaste reacties als cadeautjes", zegt Janssen. "Want ik begon Rex zonder verwachtingspatroon. Essentieel voor dit hele project is dat het drijft op enthousiasme, niet op verplichtingen." Een groot verschil met Shine, dat hij omschrijft als ,,een groot project met veel verantwoordelijkheden". Hij ziet meer verschillen: "De muzikale invalshoek is bij Rex heel anders, minder elektronisch vooral. Bovendien was de laatste versie van Shine echt als band bedoeld. De nummers schreef ik samen met gitarist Jan-Bart Meijers. Shine was ons gezamenlijke kindje. Maar Rex ben ik gewoon zelf, in mijn eentje. Rex is een persoonlijke naam, geen groepsnaam. En dat voelt heel anders. Als ik er nu voor kies met anderen samen te werken, ben ik de baas."

Eigen beheer
Met Rex staat Richard Janssen voor het eerst in zijn carrière totaal op eigen benen. Hij is zijn eigen manager en bracht Love Baby Love in eigen beheer uit. Met succes, want de duizend genummerde en gesigneerde exemplaren waren binnen drie maanden uitverkocht, waarmee de plaat een instant collectorsitem werd. Misschien volgt nog een Belgische versie in een andere hoes, maar dat is nog niet zeker. Overeenkomsten tussen Rex en Shine zijn er natuurlijk ook. Afkomstig uit de beeldhoek (hij zat een paar jaar op de Filmacademie) hecht Janssen grote waarde aan presentatie. Hij probeert rond zijn muziek een totaalsfeer neer te zetten en is langzamerhand een tikje gefrusteerd dat dat nauwelijks wordt opgepikt. Hij verwijst naar de lauwe reacties op de Shine-shows met deejay, discobollen en acrobatiek, èn de gratis verzamelbox voor de cd Popmusic plus bijbehorende epees.

Uitslover
"Doe je eens iets bijzonders, dan word je in dit land al snel voor uitslover uitgemaakt", constateert hij. "Nederlanders horen bij de wereldtop bij het vormgeven van producten, maar het vormgeven van mensen wordt genant gevonden. Sympathie is in Nederland dan ook dè deur naar succes. Je ziet het bij Marco Borsato, een sympathieke gast, of René Froger, begonnen op het biljart in zijn vaders café. Doe maar gewoon, daar houden Nederlanders van." Maar Janssen gelooft nu juist in het grote gebaar en de hype. Hij vindt dat bands juist niet gewoon, maar een tikje mysterieus moeten zijn. Onbereikbaar, losgezongen van de alledaagsheid. Zoals Herman Brood, destijds zijn grote voorbeeld. Richard Janssen: "Brood was eind jaren zeventig een echte ster Ik dacht dat hij permanent in het Hilton leefde, omringd door champagne en mooie vrouwen. Waar of niet, het was spannend, opwindend. En daar draait het om bij popmuziek."